Zoektocht naar de perfecte vlakverdeling
Olij zoekt naar de perfecte vlakverdeling in een ragfijn spel met licht en ruimte. Zijn fascinerende doeken ademen een sfeer van rust en stilte. Olij houdt niet van herrie en drukte. De stad kan hem gestolen worden. Als hij niet werkt verblijft hij graag op het Franse platteland, waar hij een bescheiden huisje heeft. “In Frankrijk vind ik de objecten voor mijn schilderijen. In Nederland is niets bruikbaars meer te vinden. Als je op het Voorhout gaat kijken is alles opgepoetst en blinkend gemaakt. In Frankrijk ga ik graag naar zolderopruimingen van particulieren. Op die rommelmarkten kijk ik meestal onder de tafels, daar staan voor mij de meest interessante dingen. Oude, beschadigde en beduimelde flessen, daar zit leven in. Er moet stof en andere troep op zitten. Het is niet zozeer mijn bedoeling om dat allemaal heel fijn uit te werken, het gaat me om de sfeer dat zo’n ding weergeeft. Dat probeer ik te vatten.” Olij schildert niet iets exact na, het gaat bij hem altijd om de compositie. “Als mensen zeggen dat mijn schilderijen net een foto zijn, denk ik dat ik iets verkeerd heb gedaan. Mijn werk heeft niet de sfeer van een foto, met schilderen kan je juist zoveel meer sfeer toevoegen. Ondanks die oude troep die ik op het doek neerzet, heeft het werk niet iets zeventiende-eeuws. Daar streef ik niet naar, ik ben geen adept van de Hollandse traditie van stillevens. Veel stillevenschilders vinden het belangrijk om het voorwerp zo precies en mooi mogelijk na te maken. Zij hebben minder oog voor de compositie. In Nederland word je door die traditie in een hokje gestopt, in het buitenland is dat gelukkig anders”, vertelt Olij, die regelmatig in Engeland exposeert. Voorbeelden uit de schilderkunst heeft hij niet, maar als hij dan toch iemand moet noemen wijst hij op de Italiaanse schilder Giorgio Morandi die het stilleven niet als onderwerp maar als techniek benaderde. “Ik voel veel verwantschap met Morandi. Het ging hem ook alleen om de vlakverdeling en de sfeer.” Die vlakverdeling, waarin voorwerp en voor-en achtergrond gelijkwaardig zijn, maakt Olij’s werk soms eerder abstract dan figuratief. In zijn composities beperkt Volkert Olij zich tot drie of vier basisvormen die voor heldere contrasten zorgen. Een fles, een kan, een kom, een trechter, een bol. Iets langwerpigs naast een rechthoek, een driehoek, of een cirkel. “Ik zal nooit twee flessen in een compositie plaatsen. Het moeten verschillende vormen zijn, maar niet te veel. Ik beperk mezelf heel erg, maar dat vind ik de uitdaging.” Zijn kleurgebruik is sober en aards. Veel monochroom. Nauwelijks primaire kleuren. “Af en toe staat er een rood doosje op een doek, maar het moeten vooral geen juichende schilderijen worden”, weet Olij. Hij neemt ruim de tijd voor zijn werk. Er is een lange tijd van voorbereiding om uit de grote hoeveelheid voorwerpen in zijn atelier tot de juiste compositie te komen. “De voorbereiding vind ik het spannendst, het schilderen is een moeizame bedoeling”, zegt Olij. “Ik denk wel eens dat ik in deze tijd van computers een hele rare manier van werken heb. Ik houd van het ambachtelijke en ik streef naar perfectie.” Is het werk van Olij een reactie op de wereld om hem heen? “Vast wel”, zegt hij stellig. “Het is geen kwestie van afzetten, maar ik ervaar het als een prettige wijze van leven om mij een beetje afzijdig te houden van de wereld”. Bron: Eric Quint, Haagsche Courant 20 juli 2005. |
Recent work
Exhibitions and art Fairs
Here you find an overview of current developments round my person.=>
Zoektocht naar de perfecte vlakverdeling Noem het vooral geen stillevens, de schilderijen die Volkert Olij maakt.=> Olij in Tableau Fine arts magazine Tableau has dedicated a complete article in its summer edition 2005 to the painting Olij.=> Schilderen met stilte Wat maakt het werk van Volkert Olij zo fascinerend? Waarom is het niet vergelijkbaar met enig ander werk van welke stillevenschilder dan ook?=> |